Historisch archief

1999

Hans Schippers

Sinds enige tijd ben ik de “archivaris” van onze groep. In deze tijd heb ik het een en ander aan archief kunnen verzamelen en mij zo een aardig beeld kunnen vormen over de oprichting en diverse gebeurtenissen van en binnen de groep. Leg daar alle “ik weet nog vroeger (toen de munten nog van hout waren) verhalen” en anekdotes naast, hussel het wat door elkaar en je kan een aardig verhaal krijgen.

Daarnaast ben ik gelukkig gezegend met een vrij goed geheugen en interesse voor geschiedenis in het algemeen.

Zodoende leek het mij een leuk idee om ter gelegenheid van dit 60-jarig jubileum de geschiedenis van de groep weer te geven.

In 60 jaar tijd kan een heleboel gebeuren. Er is dan ook heel veel gebeurd in de tijd dat de Livingstonegroep bestaat. En niet alleen de groep is veranderd, ook de maatschappij is sterk aan verandering onderhevig geweest. Een aantal van deze veranderingen zijn goed terug te vinden in de geschiedenis van de groep. Wat dat betreft is de Livingstonegroep een perfecte afspiegeling van de maatschappij.

Om de hele geschiedenis van de Livingstonegroep te beschrijven vergt meer tijd dan ik op dit moment beschikbaar heb. Bovendien is het niet voor alle generaties interessant om de gehele geschiedenis te beschrijven. Ik kan mij voorstellen dat iemand van de huidige generatie zich totaal niet interesseert voor de opbrengst van de “Heitje voor een karweitje” wedstrijden uit de jaren zestig. Mocht die interesse voor de meer uitgebreide versie er toch zijn dan kan deze op verzoek geleverd worden. Misschien dat een complete versie ooit later nog eens zal komen.

Nu volgt dus een kleine greep van gebeurtenissen uit de geschiedenis van onze groep. Let wel, dit is een persoonlijk samengestelde greep.

Veel plezier met het lezen ervan.

In februari 1939 werd de LIVINGSTONEGROEP opgericht.

In Amstelveen waren al een aantal padvindersgroepen, onder andere de Keizer Karelgroep, Jac. P. Thijssegroep en de Kimball o’Haragroep.

Deze groepen vielen allemaal onder het district Amsterdam.

Een andere Amsterdamse groep was groep nr. 19: de Gustav Adolfgroep.

Deze groep bestond uit een troep en een stam. Enkele welpen die de verkennersleeftijd bereikt hadden, wilden echter niet naar de bestaande troep over gaan omdat er te veel “afstand” zou zijn.

Op 3 februari 1939 schreef een van de hopmannen van de Gustav Adolfgroep,

Dhr. W. J. Jonker, een brief aan de Nederlandsche Christelijke Vereeniging van Padvinders waarin hij zijn plannen uiteenzette voor de oprichting van een nieuwe groep nr. 20.

Volgens de verhalen werd op 22 februari 1939 (de verjaardag van Hopman Jonker) die nieuwe groep opgericht.

Met deze jongens die niet naar de huidige troep “over wilden vliegen” werd een nieuwe troep gevormd met als naam Gustav Adolfgroep 2. De groep begon met ongeveer 18 welpen.

Al snel werd de naam van de groep veranderd in Livingstonegroep, genoemd naar de zendeling / ontdekkingsreiziger David Livingstone.

Door verschillende omstandigheden, waaronder het ontbreken van een troephuis, werden de bijeenkomsten gezamenlijk gehouden in de Zuiderschool in de Geulstraat in Amsterdam-Zuid.

De bijeenkomsten werden geleid door de akela’s W. van Leijenhorst en H.C.A. Ross.

In september 1939 werd hopman Jonker door de oorlogsdreiging gemobiliseerd en werd de Livingstonegroep voorlopig opgeheven.

Na de oorlog, in 1945, verhuisden hopman Jonker en akela van Leijenberg (met wie hij inmiddels getrouwd was) naar Amstelveen. Met behulp van de gereformeerde kerk werd de Livingstonegroep heropgericht. Door de fusie van de twee Nederlandse Padvindersverenigingen P.V.N. en N.P.V. verkreeg de groep het nieuwe en ook huidige nummer 40.

De groep had ook nu weer geen vaste plaats voor hun bijeenkomsten. Deze werden op afwisselende plaatsen gehouden onder andere op een zolder van de Pauluskerk en bij het gebouw van het Leger des Heils.

Nieuwe leiders bij de groep waren balou T. Pluijter en wontolla F. Van Wesep.

In 1946 verlieten hopman Jonker en zijn vrouw de groep omdat ze alweer gingen verhuizen. Nieuwe hopman werd Dhr. Pluijter. Ook kwam er een andere akela,

R. Norel. De groep werd al snel veel groter en groeide uit tot ongeveer 80 leden.

In 1947 werd de trek naar het water zo groot dat de landgroep in een watergroep veranderde. Het was hiermee de eerste watergroep in Amstelveen. Zeilen was altijd al een grote passie van Hopman Jonker geweest en regelmatig werden er boten gehuurd om te zeilen met de leden.

Hopman Pluijter kocht een oude Duitse boot, de Njord en schonk deze aan de groep. Hij kreeg nu de titel schipper.

De groep kreeg ook een vast onderkomen in de buurt van het gebouw van het Leger des Heils, daar waar tegenwoordig de gouden hoek van Amstelveen is.

In 1948 moest het troephuis van de groep op last van de gemeente worden overgeplaatst. De gemeente had besloten achter het park “de Braak” een jeugddorp te creëren. Het bestaande troephuis (een keet) werd daar naar toe overgeplaatst. Tijdens het afbreken en weer opbouwen van het troephuis vond men onderdak in de garage van de familie Brinkers en later in een van de zalen van de Pauluskerk.

In 1950 veranderde de groep in een stichting. Op 9 December van dat jaar werd de akte van oprichting getekend.

In 1951 werd jeugddorp 1 geopend en kon de groep het troephuis betrekken op de plaats waar nu het huidige troephuis staat.

De eerste boten werden gekocht. De groep ging bijna failliet omdat het de financiële lasten van deze aankopen niet kon dragen. Er werd dan ook gekocht op afbetaling. De vloot bestond uit drie boten: De Njord, de Aegir (een roeiboot) en de Fram. Deze boten waren allen van hout. De stalen boten deden later hun intrede.

In 1955 ging de tweede welpen horde van start.

In 1957 moesten ten gevolge van het vertrek van vier leidsters (door huwelijk en langdurige ziekte) de welpen weer inkrimpen tot één horde.

In 1958 werd het scheefgezakte troephuis in jeugddorp 1 vervangen door een betere barak.

In 1959 vierde de Livingstonegroep haar 20-jarig bestaan. Onder de titel “De Mijlpaal” werd in de Bosrand een Padvindersshow gehouden. De opening werd verricht door oud-schipper en oprichter Jonker.

In 1965 deed Dhr. W.A. Fey z’n intrede binnen de groep als groepsleider.

De groep had op dat moment vier boten. In vergelijking met 1951 was de Laga erbij gekomen. Deze boot was gebouwd bij de sociale werkplaats.

Bij de bakswedstrijden behaalden de jongens de tweede plaats.

In 1966 bereikte de groep bij de patrouillewedstrijden een eerste plek. De groep begon op landelijk niveau een kleine rol te spelen.

De houten Njord wordt vervangen door een stalen lelievlet met nummer 435. Deze boot ging ook Njord heten.

In 1969 bestond de groep dertig jaar. Dit werd gevierd in het “Open hof”, waar de welpen en verkenners een show presenteerden aan de genodigden.

Akela Dijkstra-Koster verliet de horde na twintig jaar leidster te zijn geweest. Zij werd opgevolgd door akela van Ankeren.

In 1972 werd de meisjes afdeling van de Livingstonegroep opgericht. Op 1 januari startte de waterpadvindsters met hun opkomsten in het clubhuis van de reeds bestaande Amstelveense Heimansgroep in jeugddorp 3 aan de Machineweg.

In juni van dat jaar kregen de meisjes hun eigen troephuis ook in jeugddorp 3, waar nu nog altijd de opkomsten van de meisjes en de kabouters gehouden worden.

Op 14 oktober ging de kabouterkring van start met vijf kabouters.

In 1973 ontstond er binnen de groep een discussie over de vraag of de groep haar christelijke achtergrond moest blijven uitdragen of niet. Hiertoe werden brieven verstuurd naar de ouders van de leden en werd er een forumavond georganiseerd, waar slechts weinigen op af kwamen. Veel meer dan de helft van de ouders maakte het niet uit vanuit welke achtergrond de groep werkte.

Hierna werd dan ook besloten tot de fusie van de jongens en de meisjesafdeling van de groep tot een christelijke groep.

Ook betreffende de structuur van de groep ontstond enige discussie. Er wordt een voorstel gedaan voor een structuur met een groepsraad, een dagelijks bestuur en een groepscommissie met ouders van leden daarin.

Een volgende lelievlet deed haar intrede in de groep. Het was de Ran met nummer 661.

In 1975 legde schipper Fey zijn functie neer. Zijn opvolger werd Dhr. H. Lameris.

Opnieuw was er een leidingcrisis binnen de groep. Doordat er te weinig leidingleden voor de verkensters waren werd er besloten dat jaar niet op zomerkamp te gaan met de meisjes. Een gecombineerd kamp met de verkenners was geen optie daar er op het te kleine kampterrein (een eiland) geen gelegenheid was om twee gescheiden wasplaatsen te pionieren.

De stam werd op eigen verzoek opgeheven vanwege een gebrek aan leden.

In 1976 nam schipper Lameris alweer afscheid van de groep. Zijn opvolger heette R. Kenter. Deze peilde de meningen over een nieuw op te richten stam.

De groep deed mee aan de NAWAKA in Vinkeveen. De vlootschouw werd afgenomen door premier van Agt.

Een nieuwe stam werd opgericht op het moment dat R. Kenter de groep verliet, na het in Zwartsluis gehouden zomerkamp.

De groep had inmiddels acht boten. Nieuw was de Loki met zeilnummer 636. Van de Heimansgroep waren de Zuidenwind en de Westenwind overgenomen. Zij werden later omgedoopt tot respectievelijk Freya met nummer 518 en Skadi met nummer 604.

De oude motorboot Argo was dan al niet meer bij de groep.

In 1979 bestond de groep 40 jaar. Dit lustrum werd gecombineerd met het feit dat de groep een nieuw jongenstroephuis kreeg toegewezen in jeugddorp 1. De blokhut was van Finse makelij en beschikte in tegenstelling tot het oude troephuis over twee zalen, een keuken en een grote was- en toiletruimte. De nieuwe troephuizen in jeugddorp 1 werden op 17 November feestelijk geopend door toenmalig burgemeester Q. Van Uffert.

Ook kwam er een nieuwe groepsvoorzitter, Dhr. M. Broekmeijer. Hij bracht een motorsloep mee in de groep, de Thor.

In 1980 werd het zomerkamp gehouden in Friesland aan de Fluessen. De stam ging ook mee.

De stam had een verjonging ondergaan. Van de leden die in 1977 de stam oprichtten was bijna niemand meer over.

E. Van der Werf kwam als coördinator bij de stam.

De stam ging dat jaar voor het eerst alleen op zomerkamp. Met de Thor en twee gehuurde vletten gingen zij naar het Coevordermeer in Friesland.

Het zomerkamp van de verkenners en verkensters ging ook naar Friesland maar dan weer naar de Fluessen.

Met behulp van donaties en een het uitzetten van obligaties bij ouders van de leden werd een motorboot gekocht. Deze heette de Durme.

In 1982 kreeg de stam een eigen lelievlet. De Aeolus met nummer 1069. Het is voorlopig de laatste vlet die werd aangekocht door de groep.

Door het vertrek van de toenmalige welpenleiding ontstond er een nieuwe leidingcrisis bij de welpen. Vanuit de stam en zelfs vanuit de verkenners en verkensters werden opkomsten voor de welpen verzorgd.

De groep werd hard getroffen door het overlijden van stamlid Rob Oostveen, na een paar jaar van ziekte.

In 1983 verruilde E. Van Os de verkensters voor de welpen.

De stam draaide als nooit tevoren en had een geweldig zomerkamp in Jonen.

In 1984 stapte de voltallige jongensleiding op na een conflict met Dhr. Broakmeijer. Zij kregen naar hun zeggen te weinig vertrouwen van Dhr. Broekmeijer en het bestuur.

Vanuit de stam kwam in allereil een nieuwe jongensleiding, F. Mosselman, E. Van der Veen, M. Van Donselaar en N. Smit.

De verkensters werden geleid door E. Van Serveen, M. Bakker, M van Beusekom, A. Van Meeteren en F. Segers.

De kabouterleiding werd gevormd door N. Van Beusekom en M. Broekmeijer.

Bij de welpenleiding waren geen mutaties.

In 1985 werd wederom de discussie omtrent de structuur van de groep geopend. Het contact tussen de leidingleden, de groepsleider en de groepscommissie was niet optimaal en er werden nieuwe voorstellen gedaan.

B. Van Meeteren werd de nieuwe groepsbegeleider.

In dit jaar werden ook de Pampusplannen ontvouwen. Doelstelling hiervan waren onder andere avontuurlijk bezig zijn en publiciteit voor scouting. Drijvende kracht hierachter was Dhr. M. Broekmeijer.

In 1986 onderging de groep een statutenwijziging. De structuur van de groep veranderde tot de structuur zoals wij die vandaag de dag kennen, met een stichtingsbestuur van ouders en een groepsbestuur van leiding en stam.

De Fram begon ouderdomsverschijnselen te vertonen. Hij ging voor het eerst tijdens het vaarseizoen de kant op voor onderhoud.

Na een jaar lang in de revisie geweest te zijn ging de Durme nog een maal mee op zomerkamp. Het kamp van dat jaar werd gehouden op de Kagerplassen. Na het kamp werd er gelukkig een koper gevonden. De groep schoot er bij deze verkoop financieel flink bij in. Het zou nog enige tijd duren voor alle obligatieleningen helemaal waren afgelost. De groep ging een periode in waarbij “ieder dubbeltje moest worden omgedraaid”.

Dhr. M. Broekmeijer nam afscheid van de groep. Hij wilde de Thor in bruikleen achterlaten, maar de groep accepteerde de condities waaronder een en ander moest plaatsvinden niet. Zo verdween de Thor en was de groep niet meer in het bezit van een motorboot.

M. Witter (eerst bij de groep verbonden als wontolla) werd de nieuwe groepsvoorzitter.

In 1987 Vond er een verschuiving plaats voor wat leiding betreft.

Bij de welpen was A. Smit inmiddels vertrokken. Zijn plaats werd overgenomen door M.L. Stiekema.

Bij de verkenners was F. Mosselman de enige nog overgebleven leiding van het team wat in 1984 startte. Uiteindelijk vertrok ook hij na het zomerkamp op de Fluessen.

In het najaar kwamen eerst A. Waaning gevolgd door H. Van Beusekom hem assisteren.

Bij de verkensters was A. Van Meeteren nog over van het team uit 1984. Hij nam na het zomerkamp afscheid.

Op de Bosbaan werden de verkenners en verkensters begeleid door R. Van Oosten. Hij kwam van buiten en was via B. Van Meeteren bij de groep terechtgekomen.

De stam had een groot aantal leden. Zij manifesteerden zich met het geven van druk bezochte feesten onder leiding van drive-in discotheek Satisfaction.

Voor het zomerkamp werd gebruik gemaakt van een gehuurde motorboot van scheepswerf Brouwer uit Zaandam, de Koerier. Financieel werd het zomerkamp geen succes. Er was een groot tekort.

In 1988 organiseerde de groep voor het eerst haar eigen zeiltrainingweekend waarbij de leden in verschillende niveaus werden opgeleid voor het ZA-examen.

Het ledental van de groep zat geweldig in de lift vooral bij de verkenners en verkensters.

Tijdens het zomerkamp in Zwartsluis ontstonden er problemen met de Koerier, waardoor de terugtocht een moeilijke zaak werd. Gelukkig brengt E. Van der Veen (inmiddels leiding bij de Leeghwatergroep) uitkomst. Hij kwam de groep tegemoet varen met een motorvlet.

Bij de kabouters kwam B. De Boer het leidingteam versterken.

B. Van Meeteren nam afscheid als groepsbegeleider

Op de bosbaan was een nieuwe begeleider in de persoon van B. Van Vliet.

In April vierde de groep haar 50-jarig bestaan. Er werd een reünie georganiseerd die druk bezocht werd.

De groep deed voor het eerst mee met een team aan de IJsberentocht. In een snelle tijd (bijna een parcoursrecord) werd de eerste plaats behaald.

Voor het zomerkamp van dat jaar naar de Zandige Grons werd de koerier weer gehuurd. Tijdens de terugtrektocht ging de mastvoet van de Fram kapot. Bibo werd gehaald mede door middel van geïmproviseerde zeilen. De reparatie gebeurde in het winterseizoen en werd verzorgd door B. Van Vliet.

In 1990 werd er voorzichtig gesproken over de aanschaf van een nieuwe motorboot. Voorlopig echter waren er nog niet voldoende middelen om de aanschaf ervan de kunnen bekostigen.

De groep deed dit jaar voor het eerst mee met een team aan de Admiralencup. Het team werd hierbij zevende.

De terugtrektocht van het zomerkamp in Gaastmeer leverde weer problemen op. Op het laatste moment kan een groep uit Vinkeveen ons op komen halen met een groot moederschip, de Anja.

De stam werd opgeheven wederom wegens gebrek aan leden.

E. Van Os verliet de welpen. Zij nam de functie van M. Witter over als groepsvoorzitter.

Na het zomerkamp werd door vier vertrekkende verkenners en verkensters een nieuwe stam opgericht. Zij wilden zich bezighouden met “het Kielzog” en de promotie van de groep.

In 1992 vond er weer een verschuiving plaats bij de verkenners en verkenstersleiding.

Bij de verkenners nam H. Van Beusekom tijdens groepsweekend in Haarlem afscheid.

Bij de verkenners namen M. Jurgens en A. Weide de leiding over van C. Waaning en L. Cetinel.

De stam ging mee op zomerkamp naar Ter Oele aan het Coevordermeer.

Bij zowel de Admiralencup als de IJsberentocht wordt na een intensieve voorbereiding de tweede plaats behaald bij de heren. Bij de Admiralencup viel een teamlid al na 10 km uit met een blessure, waarna het team met vijf man verder moet.

Het damesteam won beide wedstrijden in hun klasse.

De Fram werd stevig onder handen genomen bij een werf in Kortenhoef. Onder andere de boeg, een vleugeltje en de mastvoet met slede werden geheel vervangen. De hele restauratie vergde ongeveer één jaar.

In 1993 vormde J. Waaning nu samen met E. Van Os en H. Van Beusekom het dagelijks bestuur. De taken van de groepsvoorzitter werden onderverdeeld over deze drie mensen.

De stam groeide uit naar zes leden en zij organiseerden grote evenementen zoals de “White shirt party’s” en de “Superpromodag”. Zij gingen dit jaar alleen op kamp naar Texel.

Het ledental van de groep liep terug.

Het zomerkamp ging naar Sneek en voor het eerst werd de terugtrektocht zonder motorboot volbracht.

De Admiralencup stond in het teken van de “Mensen in Nood” actie. De teams van de groep pakten een eerste en een tweede plaats, evenals de dames die in hun klasse wederom de sterkste waren.

Besloten wordt om weer tot de aanschaf van een motorboot over te gaan. De groep voelde zich voor het vervoer van de boten naar en van de kampen te afhankelijk van andere groepen of scheepswerven.

Er werd een commissie in het leven geroepen die moest gaan uitkijken naar een geschikte boot.

In 1994 verliet I. Modderman de welpen. Zij voegde zich bij het dagelijks bestuur, waar E. Van Os door haar werk en verhuizing minder tijd had.

Het ledental bij de verkenners liep de eerste helft van het jaar terug naar vijf leden.

Twee van hen verlieten na het zomerkamp de verkenners om naar de stam te gaan.

Na uitgebreid overleg werd besloten om de opkomsten deels samen te gaan draaien met de verkensters. Na een periode van een half jaar was het ledental weer iets gestegen en na de kerstvakantie gingen de verkenners weer geheel zelfstandig draaien.

H. Schippers verliet de verkenners en ging zich toeleggen op de organisatie van de diverse evenementen en kampen zoals die door het seizoen heen werden gehouden.

Vroeg in het jaar werd er een motorboot aangekocht, de Vidar. Er werd een motorbootcommissie samengesteld die verantwoordelijk was voor onder andere het onderhoud van de boot. In deze commissie zaten S. Buitink (tot en met het zomerkamp), J. De Vlieger en D. Groenendijk. Later kwam A. Van Gelswijck hier nog bij.

Het 11e lustrum werd in April met een reünie gevierd. De opkomst viel een beetje tegen. Na afloop van de reünie was er ‘s avonds een feest.

Met de Admiralencup was de groep wederom succesvol. Zowel bij de heren als de dames werd een eerste plaats gehaald.

Het zomerkamp ging naar Giethoorn. Voor het eerst sinds 1986 met een eigen motorboot.

E. Van Os verliet het dagelijks bestuur en daarmee de groep.

Het ledental zat weer in de lift.

Het zomerkamp ging naar de Zandige Grons in Friesland.

In 1996 Verlieten eerst S. Middendorp en later S. Visser de welpen. A. Waaning ving deze crisis op door zijn verkennerleiding te combineren met de welpenleiding.

Het zomerkamp ging naar Sneek.

In 1997 liep het ledental weer iets terug. De groep hield een vlet over en besloot na lang vergaderen die te verhuren aan een op te starten groep in Vijfhuizen. Besloten werd de Laga te verhuren.

H. Van Beusekom verliet het dagelijks bestuur. Gepolst werd of B. De Boer zitting wilde nemen en I. Modderman wilde assisteren.

Na het zomerkamp namen A. Van Putten en C. Morel de welpenleiding geleidelijk over van A. Waaning, die zich weer geheel toelegde op de verkenners.

Het zomerkamp ging naar Ter Herne.

Oud akela Dijkstra-Koster was overleden. Zij was een periode van minimaal twintig jaar lang onafgebroken leiding bij de groep.

In 1998 verliet J. De Vlieger de verkenstersleiding. Hij bleef nog wel zeer actief in de motorbootcommissie.

Na het groepsweekend nam I. Modderman afscheid uit het dagelijks bestuur.

In de admiralencup werd met een nieuw herenteam een derde plek behaald. De dames werden voor de zesde keer 1e.

Het zomerkamp werd gehouden in Sloten.

In September kreeg de groep te horen dat er na 40 jaar geen plaats meer voor hen was voor hun winterstalling in de Bosbaanloodsen. Men gaat in protest bij de gemeente Amstelveen en diverse Scoutinginstanties. In December wordt een romneyloods aangeschaft om een eventueel toegewezen terrein te kunnen bebouwen. De toewijzing van een nieuw terrein geschiedt echter niet snel. De boten bleven voor het winterseizoen in het water liggen bij jachthaven Bibo. Het houtwerk werd op het jongenstroephuis onderhouden.

De Fram kon een ligplaats krijgen in een ander troephuis in Jeugddorp 1, dankzij oud-lid H. Morel.

Hans Schippers

2 thoughts on “Historisch archief

  1. M.J.Andela

    Goedenavond, ik ben onlangs in het bezit van diverse scoutingverslagen met foto’s en van jamborees in verschillende landen, ontmoetingen met Baden Powel, Montgomery die de scouts na de oorlog inspecteerden in A’dam, namen van scouts en hun leiders, krantenartikelen o.a. een van het verbod in de 2e wereldoorlog en ik weet niet wat ik ermee moet. Weggooien vind ik zonde en ongepast. Het grote fotoboek met onderschriften en verslagen is van Geo Eerdmans geweest. Hij heeft lang in de scouting gezeten.
    Kunt u er iets mee of weet u wie er in geïnteresseerd zou zijn?

    Met vriendelijke groet,
    M.J.Andela IJmuiden

  2. Heiko van Ommen

    Heel mooi dit verslag te kunnen lezen. Ik was lid in de periode van schipper Pluyter. 1951 tot 1957. Komt er een 75 jaar jubileum?
    Groet van Heiko van Ommen.

    Ps. In 2014 ook 75 jar oud.

Schrijf hier jouw reactie