Lelieschouw 8

2003

De Fram is een originele houten lelieschouw en de trots van onze groep. De boot wordt al ruim 50 jaar door de leden van de Livingstonegroep gebruikt. In 1999 vierde de groep de 50ste verjaardag van hun schouw, met een zeilwedstrijd waaraan naast enkele andere originele houten lelieschouwen ook stalen schouwen deelnamen.

De Fram is nummer 8 uit de eerste serie van 10 houten lelieschouwen. De boot is al meer dan 50 jaar in gebruik bij de Livingstonegroep. Velen hebben in de Fram leren zeilen, trektochten en kampen beleefd, wedstrijden gevaren en avonturen meegemaakt. Nog steeds wordt er door de leden van de Livingstonegroep gebruik gemaakt van dit historische schip.

De Fram in ons beheer
Over de geschiedenis van het verkrijgen van onze lelieschouw bestaan verschillende verhalen. Volgens de ene persoon was de Fram een schenking vanuit Canada, volgens de ander is de Fram in een sloot gevonden. Hoe het ook zij, de Fram is zoals bij zoveel groepen met een lelieschouw, de trots van onze groep.
Inmiddels is de Fram ruim 50 jaar oud en begint hij enige zwakke plekken te vertonen.
Begin jaren zeventig werd bij een aanvaring de complete achterkant van de boot afgevaren. Over deze aanvaring is bij de huidige (leiding)leden weinig meer bekend. Het verhaal gaat dat bij het herstel de spiegel met 30 cm ingekort werd.
De ouderdom van de schouw kwam voor het eerst duidelijk tot uiting tijdens ons zomerkamp van 1986 op de Kagerplassen. De mastdoft was in dusdanig slechte staat dat deze aan vervanging toe was. Deze reparatie gebeurde op een scheepswerf en duurde niet zo heel erg lang. Nog dat zelfde jaar voer de Fram weer.

In 1989 sloeg wederom het noodlot toe en weer tijdens ons zomerkamp. Tijdens het zeilen bij een voor de windse koers, verschoof de mastvoet ongeveer 10 cm naar voren. Provisorisch werd de mastvoet weer op haar plaats gezet en door middel van de grootschoot op haar plaats gehouden. In die tijd had de Livingstonegroep nog niet de beschikking over een eigen sleepboot. De tocht van en naar het zomerkamp werd grotendeels zeilend afgelegd. Dit werd dat jaar dus een groot probleem. Met de fok van de Fram als grootzeil en de fok van een vlet als fok werd zo goed en zo kwaad als het ging de thuishaven gehaald.
In de winter werd de schade gerepareerd door een van de leidingleden van de Livingstonegroep. Er werden stalen beugels om de mastvoet heen geplaatst. Met deze beugels zat de mastvoet vast aan de mastdoft. Tevens kreeg de Fram een tweede want aan elk boord.
Het volgende zomerseizoen werd er probleemloos gezeild. Echter in het daaropvolgende winterseizoen (1990/1991) werden er mossen en zelfs plantjes geconstateerd onder aan de mastvoet. Bij nadere inspectie bleek dat de slede waarop de mastvoet rust grotendeels verrot was. De enige oplossing was om de mastvoet en slede eruit te slopen en er een nieuwe in te laten zetten.
Vanwege plaatsgebrek tijdens het winterseizoen op de scheepwerf kon de Fram pas in het volgende zomerseizoen de kant op voor reparatie. Dit gebeurde bij een scheepswerf in Kortenhoef. Bij de reparatie werd vervangen de mastvoet, de slede, een balkje, een spant, een vleugeltje en de boeg. Een vrij kostbare zaak,
maar volgens de werfbaas kon de Fram er weer een tijd tegenaan.

Na bijna twee jaar kwam de Fram in 1992 weer in de vaart. Niet voor lange tijd echter.
Dit maal waren er problemen aan de bakboordzijde ter hoogte van het zijzwaard.
Precies op het punt waar het zwaard wordt opgehangen bleek het boord rot te zijn. Deze reparatie kon uitgevoerd worden door een van onze leidingleden.
Gevolg was wel dat in het zomerseizoen 1993 de Fram weer niet varen kon.
Vanaf het jaar daarna is de Fram redelijk gevrijwaard van problemen, in zoverre dat hij wel ieder zomerseizoen kan varen. Vanaf 1994 is de boot dan ook telkens mee geweest op ons zomerkamp.
Uiteraard waren er wel de nodige kleinere problemen. Zo moest in 1995 een plaat vervangen worden aan de onderzijde van de boot, ter hoogte van de mastvoet. En een jaar later moest er een gat in het achteronder worden gedicht. Dit waren echter reparaties die wij zelf konden verrichten en die geen onnodige vertraging met zich meebracht.
Vanaf 1997 is een van onze leidingleden direct verantwoordelijk voor het “groot onderhoud en reparatie” van de Fram. Deze persoon neemt vanuit zijn werk, (Scheepswerf de Batavia in Lelystad) een grote hoeveelheid kennis mee. In de laatste twee winterseizoenen zijn er op zeer professionele wijze al diverse reparaties verricht.

De bemanning van de Fram in de loop der jaren zeer afwisselend geweest. Er is een tijd geweest dat de meisjesbakken en jongensbakken elkaar jaarlijks afwisselden.
Tot er een moment kwam dat er geen meisjesbak het aandurfde om in de Fram te zeilen.
Vanaf begin jaren-80 tot 1992 voer er een jongensbak in de Fram. In dat jaar werd de Stam ”eigenaar” van de boot. Dit duurde ongeveer een jaar, toen ging de boot wederom terug naar de jongens. In 1994 zeilde er voor het eerst sinds lange tijd
weer een meisjesbak in de Fram. Zo ook in 1995. Vanaf die tijd wilde men de oude traditie van het wisselen tussen de jongens en de meisjesbakken weer nieuw leven in blazen en dus ging de boot in het volgende seizoen weer naar een jongensbak.
Later gaat de fram weer naar de stam, en na het opheffen van deze speltak naar de leiding. In de winter van 2000-2001 en 2001-2002 wordt de Fram onderhouden in een garage in Uithoorn. Er wordt in 2001 en 2002 met de Fram meegezeild in de Kaagcup en in 2002 ook in de Mooie Nel Cup.  Hier neemt de Fram het op tegen de
andere nog zeilende houten lelieschouw, nummer 6 en sleept als vanouds prijzen in de wacht. Dit vanaf 2002 met een nieuw zeil, wat weer wit is. Vanaf het begin van het zomerzeizoen 2002 zeilt er weer een jongensbak in de Fram. In de winter van 2002-2003 wordt de Fram onderhouden in de inmiddels gebouwde botenloods, samen met de lelievletten. Dit geldt ook voor de seizoenen 2003-2004 en 2004-2005. In deze jaren is de schouw in goede conditie en worden er regelmatig wedstrijden mee gezeild, zoals de Kaagcup en de Mooie Nel cup.

Schrijf hier jouw reactie